De leeftijdsbijslagen
Deze bijslagen zijn een aanvulling bij de basiskinderbijslag of de verhoogde wezenbijslag.
Ze worden aan elk rechtgevend kind vanaf de leeftijd van 6 jaar toegekend. Nadien wordt het bedrag ervan opgetrokken wanneer het kind 12 jaar wordt, en nog eens wanneer het 18 jaar wordt.
Bij de loontrekkenden heeft de regering vanaf 1 januari 1997 aan de leeftijdsbijslagen enkele wijzigingen aangebracht. Dit is niet het geval in de zelfstandige regeling.
De toeslag voor gehandicapte kinderen
Deze toeslag wordt toegevoegd aan de basiskinderbijslag of de verhoogde wezenbijslag wanneer het kind ten minste voor 66% als mindervalide erkend is (oude regeling) of een bepaalde score behaalde (nieuwe regeling van toepassing sedert 1 mei 2003 voor kinderen geboren na 31 decembre 1992).
Deze toeslag wordt toegekend aan elk gehandicapt kind dat gerechtigd is op kinderbijslag en jonger is dan 21 jaar.
In de oude regeling zijn volgens de graad van zelfredzaamheid van het kind zijn drie bedragen vastgesteld. In de nieuwe regeling zijn volgens de behaalde score van het kind 6 bedragen vastgelegd
De sociale toeslagen
Deze toeslagen bij de basiskinderbijslag worden volgens de sociale categorie van de rechthebbende toegekend.
Men onderscheidt:
- de toeslag ten gunste van kinderen van rechthebbenden die reeds langer dan 6 maanden volledig uitkeringsgerechtigd werkloos zijn; (enkel in de loontrekkende regeling, niet in de zelfstandige regeling)
- de toeslag ten gunste van kinderen van gepensioneerden; (zowel in de loontrekkende - als in de zelfstandige regeling)
- de toeslag ten gunste van kinderen van invalide werknemers. (zowel in de loontrekkende - als in de zelfstandige regeling)
De toekenning van deze toeslagen is aan strenge voorwaarden onderhevig.