Wanneer een ouder overlijdt, krijgt het kinderbijslagfonds/sociaal verzekeringsfonds via de kruispuntbank van de sociale zekerheid een elektronisch bericht van het overlijden.
Het recht op wezenbijslag wordt bij voorrang onderzocht ingevolge de beroepsactiviteiten van de eerst overleden ouder.
Indien de beroepsactiviteiten die aan het overlijden voorafgaan niet voldoen aan de voorwaarden, wordt de bijslag onderzocht hoofdens de overlevende ouder.
De instelling die de kinderbijslag op datum van overlijden van de ouder betaalt, vergaart alle nodige gegevens om het recht op wezenbijslag vast te stellen.
Het recht op wezenbijslag gaat in vanaf de maand volgend op de datum van overlijden (uitzondering: een overlijden op de 1ste dag van de maand geeft recht vanaf diezelfde maand).