Wat is een éénoudergezin ?

U vormt een éénoudergezin indien :

        alleen woont of

o          met een of meerdere personen tot de derde graad verwant

        uw eigen kinderen of

        stiefkinderen ,

        kinderen door u opgenomen,

o         kleinkinderen ,

        neven en nichten, of

        kinderen in uw gezin geplaatst ten laste van een publieke overheid

o         niet verwante kinderen welke recht geven op kinderbijslag

 

Voorbeelden van éénoudergezinnen :

  U bent geen éénoudergezin indien :

   Een ouder of verwant tot de vierde graad met wie u gezamelijk alle huishoudelijke, financiële en andere kwesties regelt. Er bestaat dus geen enkel probleem indien een verwante persoon, een broer, zus, grootouder ; tante of nonkel deel uitmaakt van uw gezin.

    Een niet verwante persoon met wie u de huishoudelijke, financiele en andere kwesties gemeenschappelijk regelt

     één of meerdere weeskinderen opvoedt welke wezenbijslag genieten. Behalve indien de overlevende ouder herhuwd is of weer een feitelijk gezin vormt en als de bijslagtrekkende niet dezelfde persoon is

o      een kind van eerste of tweede rang welke recht heeft op een hoger barema voor langdurige zieken, werklozen of gepensionneerden .
(Indien de voorwaarden van inkomsten en gezin vervuld zijn, zal er vanaf het derde kind een supplement toegekend worden)

  U kan geen aanspraak meer maken op het supplement voor éénoudergezinnen indien u :