To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-

Wat is de invloed van de werkelijke of forfaitaire beroepskosten op het woon-werkverkeer?

08/05/2014

Naar aanleiding van een arrest van het Hof van Beroep van Gent[1] frissen wij de principes over de gevolgen van uw keuze voor een bepaald stelsel van kostenaftrek voor het woon-werkverkeer toe.

Forfait versus werkelijke kosten in de personenbelasting

Werknemers en bedrijfsleiders hebben het recht om beroepskosten af te trekken van hun belastbare inkomsten. Op die manier worden hun belastingen verlaagd. Er bestaan 2 systemen van aftrek van beroepskosten: de forfaitaire beroepskosten of de werkelijke beroepskosten.

De keuze voor het ‘wettelijk forfait'

Wie geen beroepskosten aangeeft, heeft toch recht op een fiscaal voordeel. De fiscus past in dat geval een standaardbedrag of ‘wettelijk forfait' toe.

Voor werknemers bedraagt dit forfait een percentage per inkomstenschijf[2] dat alle beroepskosten dekt (bv. beroepsmatig gebruik van de eigen wagen, bureaukosten, aankoop van lectuur,…)[3].

Het bewijzen van de werkelijke beroepskosten

U kan echter ook steeds kiezen voor de aftrek van uw werkelijke beroepskosten. Voor die kosten moet u dan wel bewijzen dat u ze werkelijk gemaakt en betaald heeft.

Wat zijn de gevolgen van uw keuze voor woon-werkverkeer indien u opteert voor het wettelijk kostenforfait?

De wetgever verleent aan de werknemers die in hun belastingaangifte voor de toepassing van de forfaitaire aftrek van hun beroepskosten opteren, een gedeeltelijke of volledige vrijstelling van belasting volgens het type van vervoermiddel dat zij gebruiken om te gaan werken:

Gebruikt vervoermiddel

Bedrag van de belastingvrijstelling indien de werknemer opteert voor de toepassing van de forfaitaire beroepskosten

Gemeenschappelijk openbaar vervoer (trein, tram, bus, metro)

Totaal bedrag van de vergoeding

Andere vervoermiddelen (moto, eigen wagen of bedrijfswagen, niet georganiseerde carpooling, enz.), met uitzondering van de fiets

€ 380[4]

Gemeenschappelijk vervoer georganiseerd door de werkgever of door een groep van werkgevers

Bedrag van de vergoeding toegekend door de werkgever, maar beperkt tot de prijs van een treinabonnement in 1ste klasse voor dezelfde afstand

Deze vrijstelling geldt enkel voor werknemers en dus niet voor (zelfstandige) bedrijfsleiders[5]. Voor het woon-werkverkeer met de fiets geldt een afwijkende regeling[6].

Wat zijn de gevolgen van uw keuze voor woon-werkverkeer als u uw werkelijke beroepskosten wenst te bewijzen?

In dat geval dient een onderscheid te worden gemaakt tussen personenwagens, de wagens voor dubbel gebruik en minibussen enerzijds en de overige vervoermiddelen anderzijds.

Personenwagens, de wagens voor dubbel gebruik en minibussen

De belastingplichtige mag, als werkelijke kosten, 0,15 euro per kilometer aftrekken die hij afgelegd heeft in het kader van zijn woon- werkverplaatsingen met een personenwagen (privé of bedrijfswagen), een wagen voor dubbel gebruik of een minibus.

Dit forfait omvat alle rechtstreekse en onrechtstreekse kosten met betrekking tot het gebruik van uw voertuig voor deze verplaatsingen (bv. verkeersbelasting, onderhoudskosten,…).

Andere vervoermiddelen[7]

De personen die een ander vervoermiddel dan de personenwagen, wagen voor dubbel gebruik of minibus gebruiken, mogen de werkelijk gedragen kosten voor die verplaatsingen aangeven door bewijsstukken bij hun aangifte te voegen.

Bij gebrek aan bewijsstukken kan eveneens toepassing gemaakt worden van 0,15 euro per kilometer (woon- werkverkeer), voor zover de enkele afstand niet meer dan 100 km bedraagt.

Voor bedrijfsleiders geldt eveneens een afwijkende regeling.

Wenst u meer informatie over de terugbetaling van het woon-werkverkeer?

Raadpleeg dan onze informatiefiche over de vervoerskosten op Lex4You.

 


 

[1] Arrest van het Hof van Beroep van Gent van 28 mei 2013, Rol. Nr. 2012/AR/872. In dit concrete geval wenste een werknemer zijn werkelijk afgelegde kilometers woon-werkverkeer te bewijzen. Omdat hij hier niet in slaagde, verving de fiscale administratie zijn werkelijk aangegeven beroepskosten door het wettelijk kostenforfait.

[2] 28,7% op de inkomsten tussen 0,01 euro – 5.650 euro; 10% op de inkomsten tussen 5.650 euro – 11.220 euro; 5% op de inkomsten tussen 11.220 euro – 18.670 euro en 3% op de inkomsten vanaf 18.670 euro. De forfaitaire beroepskosten bedragen maximum 3.900 euro (percentages en bedragen voor aanslagjaar 2014). Voor bedrijfsleiders geldt een ander percentage.

[3] Deze kosten moeten dus niet bewezen worden.

[4] Bedrag geldig voor inkomstenjaar 2014, aanslagjaar 2015.

[5] De vrijstelling is echter wel van toepassing voor bedrijfsleiders die in dienstverband werken.

[6] De vergoedingen als terugbetaling van de woon- werkverplaatsingen met de fiets zijn vrijgesteld van belastingen en RSZ ten belope van 0,22 euro per kilometer. Deze vrijstelling geldt zowel ten aanzien van werknemers als zelfstandige bedrijfsleiders en dit ongeacht of ze opteren voor de aftrek van forfaitaire, dan wel werkelijke kosten.

[7] Hieronder wordt verstaan: moto, een bedrijfsvoertuig, openbaar of gemeenschappelijk vervoer (al dan niet georganiseerd)…

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 08-05-2014