E.E.S.V. Securex Corporate
Maatschappelijke zetel: Tervurenlaan 43, 1040 Brussel
Ondernemingsnummer: BTW BE 0877.510.104 - RPR Brussel

Beëindiging van de arbeidsovereenkomst

Ontslagcompensatievergoeding (OCV) voor sommige ontslagen arbeiders

Lees eerst even dit …

De informatie in deze fiche geldt enkel voor arbeiders die vóór 1 januari 2014 in dienst getreden zijn en na die datum ontslagen worden.

Waarom een ontslagcompensatievergoeding?

Om de opzegtermijn te berekenen van een arbeider die op 1 januari 2014 reeds in dienst was, moet er in principe een dubbele telling uitgevoerd worden. Hierdoor moeten arbeiders met vele jaren dienst zich tevreden stellen met een kortere opzegtermijn dan bedienden die evenveel dienstjaren tellen.

Om deze ongelijkheid te compenseren, voorziet de wet betreffende de invoering van een eenheidsstatuut voor die arbeiders in de toekenning van een ontslagcompensatievergoeding (OCV). Die vergoeding, die ten laste van de RVA werd gelegd, compenseert het verschil tussen:

Deze regeling geldt dus niet voor arbeiders die vanaf 1 januari 2014 in dienst getreden zijn. Hun opzeg wordt immers al volledig op basis van de nieuwe regels berekend. 

 

Welke werknemers worden beoogd?

Arbeiders

Het recht op een OCV is voorbehouden aan de werknemers die op 31 december 2013 verbonden waren:

De bedienden komen dus niet in aanmerking, tenzij het om een bediende gaat die op 31 december 2013 als arbeider bij dezelfde werkgever werkte. In dat geval wordt het eerste deel van zijn opzegtermijn immers ook op de op dat moment geldende lagere opzegtermijnen voor arbeiders berekend[4]

Gemakshalve hebben wij het in deze fiche voortaan over ‘arbeiders’ als we verwijzen naar de werknemers die aanspraak kunnen maken op de OCV.

In dienst getreden vóór 1 januari 2014

De ononderbroken arbeidsovereenkomst van de arbeider moet aangevangen zijn vóór 1 januari 2014. De arbeiders die later in dienst getreden zijn, vallen dus uit de boot.

Met een zeker aantal dienstjaren

Sinds 1 januari 2017 opent elke arbeider die in dienst was voor 1 januari 2014 het recht op de OCV, ongeacht zijn anciënniteit in de onderneming. De anciënniteitsvoorwaarde wordt sindsdien immers automatisch door elke arbeider vervult.

De anciënniteitsvoorwaarden zijn immers:

Ontslagen sinds 1 januari 2014

Het recht op de OCV is voorbehouden aan de arbeiders die sinds 1 januari 2014 ontslagen worden. Het is de datum van de kennisgeving van het ontslag die telt en het heeft dus geen belang of de arbeider mits prestatie van een opzegtermijn of betaling van een opzegvergoeding ontslagen wordt.

 


[1] In de zin van artikel 2 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten.

[2] In de zin van artikel 7bis van de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van buurtdiensten en -banen.  

[3] Zoals bedoeld in Titel V van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten.

[4] Wijziging ingevoerd door de wet tot verbetering van de werkgelegenheid van 23 april 2015, en van toepassing op ontslagen gegeven vanaf 27 april 2015.

 

Hoeveel bedraagt de ontslagcompensatievergoeding?

De RVA berekent de OCV volgens een uiterst nauwkeurige formule.

Rekenformule

Het bedrag van de OCV is gelijk aan: (A - B1 - B2) x {(BML x 0,8693) + Bonus - BV)} / 30

Het 3de cijfer na de komma wordt verwaarloosd en het bedrag wordt vanaf 0,005 naar boven afgerond.

Aangezien de OCV door de RVA berekend wordt, kan de werknemer de nodige inlichtingen hieromtrent bij zijn betalingsinstelling (vakbond of HVW) opvragen.

Sociale en fiscale behandeling

De OCV is vrijgesteld van belastingen en socialezekerheidsbijdragen.

Cumul met de inschakelingsvergoeding

De werknemer die recht heeft op een inschakelingsvergoeding[1] die meer bedraagt dan de opzegvergoeding heeft slechts recht op een deel van de ontslagcompensatievergoeding.

Het bedrag ervan is dan gelijk aan: (A - B1 - B2) x (BML / 30) te verhogen met het bruto bedrag van de opzegvergoeding en te verminderen met het bruto bedrag van de inschakelingsvergoeding[2].

 


[1] Zoals bedoeld in artikel 36 van de wet van 23 december 2005 betreffende het generatiepact.

[2] Dat bruto bedrag wordt omgezet in een netto bedrag aan de hand van de volgende formule: (bruto bedrag x 0.8693) + (bonus x bruto bedrag/BML) – BV.

 

Hoe staat de werkloosheidsverzekering tegenover deze vergoeding?

Gelijkstelling met een opzegvergoeding

De OCV voor de toepassing van de werkloosheidsverzekering gelijkgesteld met een opzegvergoeding. Dat betekent dat:

Periode gedekt door de OCV

De periode die gedekt is door de OCV is gelijk aan: (A - B1 - B2) x 6/7 (uitgaand van een zesdagenstelsel – resultaat afgerond op de hogere eenheid)[1].

In geval van cumul met de inschakelingsvergoeding, is die periode gelijk aan: (bruto bedrag ontslagcompensatievergoeding / BML) x 26.

Deze periode neemt een aanvang vanaf de eerste dag, met uitsluiting van de zondag, volgend op de periode die gedekt is door loon of door een door de werkgever verschuldigde opzegvergoeding ingevolge de beëindiging van de tewerkstelling die aanleiding geeft tot de aanvraag om een OCV.

Periode van met arbeidsdagen gelijkgestelde dagen

De periode die gedekt is door de ontslagcompensatievergoeding wordt als een periode van met arbeidsdagen gelijkgestelde dagen beschouwd. Die dagen komen dus in aanmerking om het aantal dagen tewerkstelling tijdens de beroepsinschakelingstijd te bepalen[2].

Periode van werkhervatting of tewerkstelling

De periode die gedekt is door de ontslagcompensatievergoeding wordt als een periode van werkhervatting of tewerkstelling beschouwd om uit te maken of de werknemer die werkloos wordt naar de eerste vergoedingsperiode kan terugkeren[3].

 


[1] Deze niet vergoedbare periode kan in toepassing van artikel 46, §4 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering geproportioneerd worden.

[2] Artikelen 30 en 33 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering.

[3] Artikel 116 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering.

 

Hoe wordt de ontslagcompensatievergoeding uitbetaald?

De OCV wordt volledig ten laste genomen door de RVA.

De werkgever moet wel een aantal formaliteiten vervullen om de betalingsprocedure van de OCV op te starten.

Formulier C4 uitgereikt door de werkgever

De ontslagen arbeider die recht heeft op een OCV moet deze aan de hand van het formulier C4 aanvragen.

Het is de werkgever die hem dat formulier spontaan en uiterlijk op de laatste werkdag moet overhandigen.

U kunt dit formulier downloaden door hier te klikken. U kunt de formulieren van de RVA ook rechtstreeks raadplegen via onze rubriek Standaarddocumenten/Formulieren/Formulieren Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening[1].

De arbeider moet zijn aanvraag indienen

De arbeider moet zijn dossier aan de hand van zijn formulier C4 indienen bij de betalingsinstelling van zijn keuze (HVW of vakbond). Deze stuurt het betalingsverzoek dan door naar de RVA[2].

De arbeider kan zijn aanvraag indienen:

Indien deze termijn nageleefd is en het dossier volledig is, zal de OCV toegekend worden. In geval van weigering kan de werknemer nog in beroep gaan bij de arbeidsrechtbank.  Hij moet dit dan binnen 3 maanden indienen.

Wijze van betaling

Principe: betaling per maand

Als algemene regel geldt dat de OCV maandelijks wordt uitbetaald.

Hiervoor wordt het totale bedrag van de OCV omgezet in een dagbedrag en de werknemer zal dan voor alle dagen van de maanden die gedekt zijn door de OCV, behalve voor de zondagen, recht hebben op dit dagbedrag. Alle daguitkeringen waarop de werknemer voor de betrokken maand gerechtigd is, worden tijdens de daaropvolgende maand in één keer uitbetaald.

De OCV volgt dus de regels die ook voor de andere uitkeringen (werkloosheidsuitkeringen, onderbrekingsuitkeringen) die door de RVA betaald worden, gelden.

Uitzondering: eenmalige betaling

De werknemer die dit wenst, kan in zijn uitkeringsaanvraag verzoeken om een eenmalige betaling van de OCV. In dat geval wordt de OCV in één keer uitbetaald en dit uiterlijk binnen de termijn van één maand te rekenen vanaf de 3de werkdag volgend op het tijdstip waarop de beslissing tot toekenning van de vergoeding aan de betalingsinstelling meegedeeld werd.

 


[1] U kunt de papieren formulieren C4 vervangen door een elektronische aangifte. Voor meer informatie, zie de site van de sociale zekerheid. Indien u hiervoor kiest, moet u nog altijd het formulier C4 ARS aan de werknemer overhandigen.

[2] Het is de directeur van het werkloosheidsbureau van het ambtsgebied waarin de arbeider zijn hoofdverblijf heeft die over het recht op de OCV beslist.

[3] In een zesdagenstelsel.

 

Wat zijn de belangrijkste wettelijke referenties?