To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-
> Studenten> 3. Fiscale aspecten

Blijft de student fiscaal ten laste van zijn ouders?

Principe

Om fiscaal ten laste van zijn ouders te blijven, mag de student een bepaald bedrag aan nettobestaansmiddelen niet overschrijden.  Het grensbedrag is afhankelijk van de gezinstoestand van de student en verschilt eveneens naargelang de student met een studentenovereenkomst of een gewone arbeidsovereenkomst tewerkgesteld is. 

Van het loon dat de student die werkt met een studentenovereenkomst[1], verdient, wordt immers een eerste schijf van 1.500 euro (niet-geïndexeerd)[2] niet meegeteld in het grensbedrag. Of anders gezegd van het totaal van de nettobestaansmiddelen dat deze student heeft, mag 1.500 euro afgetrokken worden om te kijken of hij het grensbedrag bereikt. Een student met een gewone arbeidsovereenkomst zal geen gebruik van deze aftrek kunnen maken.

Bedrag aan bestaansmiddelen dat de student niet mag overschrijden

Inkomsten 2021
(aanslagjaar 2022

Netto bestaans-middelen  jaarbedrag in €

Bruto vóór 20% beroepskosten

Bruto belastbaar (incl. vrijgestelde inkomsten uit studentenarbeid)

Bruto bezoldigingen uit studentenarbeid (incl. 2,71% RSZ voor studenten)

Student 

3.410,00

4.262,50

7.102,50

7.300,34

Student van wie de vader of moeder alleenstaande is

4.920,00

6.150,00

8.990,00

9.240,41

Gehandicapte student van wie de vader of moeder alleenstaande is

6.240,00

7.800,00

10.640,00

10.936,37

**Opgelet! Bovenvermelde bedragen *Opgelet! Bovenvermelde bedragen dienen geval per geval bekeken en toegepast te worden.

Voorbeeld

Een student, van wie de ouders gehuwd zijn, heeft met zijn tewerkstelling 6.000 euro verdiend (na aftrek van socialezekerheidsbijdragen). Dit is zijn enige inkomen. 

 

Tewerkstelling met studentenovereenkomst

Tewerkstelling met
arbeidsovereenkomst

Loon (1)

6.000 € 

6.000 € 

Aftrek studentenovereenkomst  (€ 1.500 geïndexeerd) (2)

-2.840 €

0 € 

Resultaat (3) = (1) - (2)

3.3.160 €

6.000 € 

Aftrek forfaitaire kosten (20% van (3) met minimum van € 470) (4)

- 632 €

- 1.200 € 

Nettobestaansmiddelen = (3) - (4)

2.528 €

4.800 € 

 

Aangezien het grensbedrag in geval van gehuwde ouders gelijk is aan 3.410 euro, zal de student in kwestie enkel fiscaal ten laste van zijn ouders blijven als de tewerkstelling met een studentenovereenkomst gebeurde. In het andere geval overschrijdt hij immers het grensbedrag.

Opgelet: Het bedrag aan nettobestaansmiddelen dat men bekomt, dient enkel om te bepalen of de student al dan niet ten laste blijft en niet om te bepalen of hij zelf belasting verschuldigd is. Hiervoor verwijzen we u naar de vraag “Moet de student belastingen betalen?

Begrip bestaansmiddelen

Ter herinnering, onder bestaansmiddelen verstaat men alle regelmatige of occasionele binnenkomende gelden van welke soort ook, belastbaar of niet, waaronder ook de achterstallen, het gewone vakantiegeld en het vervroegde vakantiegeld, het bestaansminimum of leefloon, de vergoeding voor een leercontract of een studentenovereenkomst, de ontvangen huurgelden, ...

De berekening van de nettobestaansmiddelen

Om tot de nettobestaansmiddelen te komen, moeten van de brutobestaansmiddelen verkregen door het kind de volgende bedragen afgetrokken worden:

  • de wettelijke kinderbijslagen, kraamgelden en adoptiepremies;
  • de studiebeurzen en de premies voor het voorhuwelijkssparen;
  • de tegemoetkomingen ten laste van de Schatkist toegekend aan gehandicapten;
  • de bezoldigingen verkregen door gehandicapten ingevolge hun tewerkstelling in een erkende beschutte werkplaats;
  • de uitkeringen of aanvullende uitkeringen tot onderhoud die ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing waarbij het bedrag ervan met terugwerkende kracht wordt vastgesteld of verhoogd aan de belastingplichtige zijn betaald na het belastbare tijdperk waarop ze betrekking hebben;
  • de uitkeringen tot onderhoud toegekend aan de kinderen ten belope van 3.410 euro per jaar;
  • de bezoldigingen verkregen door studenten krachtens een arbeidsovereenkomst voor de tewerkstelling van studenten ten belope van 2.840 euro per jaar.

Van het bekomen resultaat moeten vervolgens nog de werkelijke of forfaitaire kosten afgetrokken worden. De nettobestaansmiddelen zijn dan het resultaat van deze laatste berekening.

Meer info?

U vindt alle informatie over de voorwaarden om op fiscaal vlak als persoon ten laste beschouwd te worden in het algemeen en over de bestaansmiddelen in het bijzonder in onze fiche “Personen ten laste”.

 


[1] Zoals bedoeld in de artikelen 120 tot 130ter van de wet van 3 juli 1978.  Een studentenovereenkomst is altijd een schriftelijk contract van bepaalde duur van maximaal 12 maanden.

[2] Artikel 143, 7° van het WIB92.  Het toepasselijke bedrag voor inkomstenjaar 2021, aanslagjaar 2022 bedraagt 2.840 euro.

 

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 09/01/2021