To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-
> Federaal> Doelgroepverminderingen> Eerste aanwervingen

Wanneer begint de doelgroepvermindering te lopen?

Principe

De werkgever kan de kwartalen dat hij de vermindering kan genieten, spreiden over een periode van 20 kwartalen

De werkgever kan binnen deze periode van 20 kwartalen vrij kiezen in welke kwartalen hij van de doelgroepvermindering wenst te genieten, voor zover hij in de gekozen kwartalen aan alle voorwaarden voldoet. Hij kan met andere woorden de doelgroepvermindering genieten voor die kwartalen waarin dat het meest voordelig is, zolang zij binnen de 20 kwartalen volgend op dat van de aanwerving vallen.

Op die manier kan de werkgever rekening houden met de specifieke situatie in zijn onderneming.  Als een werkneemster bijvoorbeeld een heel kwartaal in zwangerschapsverlof is, zijn tijdens dat kwartaal geen bijdragen verschuldigd (de werkneemster geniet immers moederschapsuitkeringen en geen loon), waardoor de werkgever in de praktijk tijdens dat kwartaal niets aan de doelgroepvermindering heeft.  Hij kan er in dat geval voor kiezen dit kwartaal over te slaan en de vermindering pas terug te vragen in het volgende kwartaal, wanneer de werkneemster terug aan het werk is.

Opmerking: de 20 kwartalen-regel is uiteraard niet van toepassing wanneer de doelgroepvermindering onbeperkt in de tijd wordt toegekend, wat het geval is voor de aanwerving van een eerste werknemer vanaf 1 januari 2016.

Aanvang van de periode van 20 kwartalen

Principe

De periode van 20 kwartalen waarbinnen de werkgever de doelgroepvermindering dient uit te putten, loopt vanaf het kwartaal van de aanwerving van de werknemer die het recht op de doelgroepvermindering opent.

Wanneer het om de aanwerving van een tweede (respectievelijk derde, vierde, vijfde of zesde) werknemer gaat, begint deze periode evenwel slechts te lopen op voorwaarde dat er tijdens dat kwartaal 2 (respectievelijk 3, 4, 5 of 6) werknemers tegelijkertijd tewerkgesteld zijn. 

Niet voldoende werknemers tegelijkertijd in dienst

Indien er niet 2 (respectievelijk 3, 4, 5 of 6) werknemers tegelijkertijd tewerkgesteld zijn, begint de periode van 20 kwartalen niet te lopen, maar kan er toch een doelgroepvermindering toegekend worden indien er minstens 2 (respectievelijk 3, 4, 5 of 6) werknemers tijdens het kwartaal tewerkgesteld zijn (al dan niet gelijktijdig).

Voorbeeld: werknemer A gaat uit dienst op 31 mei 2021.  Werknemer B komt in dienst op 1 juni 2021. In de loop van het 2de kwartaal 2021 zijn er dus 2 weknemers bij de werkgever tewerkgesteld, maar niet tegelijkertijd:

  • de werkgever kan voor het 2de kwartaal 2021 van de doelgroepvermindering tweede aanwerving genieten voor werknemer B, maar de periode van 20 kwartalen zal niet beginnen lopen. Er is hier dus sprake van een soort "bonuskwartaal";
  • voor de volgende kwartalen zal de werkgever niet meer van de vermindering kunnen genieten, zolang er geen nieuwe aanwerving gebeurt. Een voorwaarde om de doelgroepvermindering tweede aanwerving te kunnen genieten, is immers dat er tijdens het betrokken kwartaal twee werknemers in dienst zijn.

De regel dat de periode van 20 kwartalen niet begint te lopen als er geen 2 werknemers tegelijkertijd in dienst zijn, werd ingevoerd om te vermijden dat de werkgever teveel verminderingskwartalen zou verliezen als het een tijdje duurt voor de werkgever een vervanger vindt voor de werknemer die uit dienst gegaan is. 

Stel, in ons voorbeeld, dat de werkgever pas een nieuwe werknemer C aanwerft in het 2de kwartaal van 2022, dan zou hij zonder de toepassing van die regel reeds 3 van de 20 kwartalen kwijtgespeeld zijn. Maar aangezien de periode van 20 kwartalen niet is beginnen lopen en er bij de betrokken werkgever nooit meer dan 1 werknemer tegelijkertijd in dienst was, zal de werknemer C opnieuw kunnen beschouwd worden als een tweede aanwerving en begint de periode van 20 kwartalen dan pas te lopen.

Wel voldoende werknemers tegelijkertijd in dienst

We willen er wel nog op wijzen dat van zodra er (in de 4 voorgaande kwartalen) 2 (respectievelijk 3, 4, 5 of 6) onderworpen werknemers gelijktijdig in dienst waren, de periode van 20 kwartalen wel begint te lopen en er dus geen sprake meer kan zijn van een tweede (respectievelijk derde, vierde, vijfde of zesde) aanwerving wanneer een bepaalde werknemer uit dienst gaat en de werkgever tot een vervangende aanwerving overgaat. In dat geval is enkel verderzetting van de oorspronkelijke doelgroepvermindering mogelijk.

Voorbeeld: Werknemer A is al jaren in dienst van de werkgever. Op 1 mei 2021 komt werknemer B in dienst. In het tweede kwartaal 2020 zijn er dus 2 werknemers tegelijkertijd in dienst.  De periode van 20 kwartalen begint te lopen en de werkgever kan van de doelgroepvermindering tweede aanwerving genieten. In september 2021 gaat werknemer A evenwel uit dienst. Vanaf het 4de kwartaal 2020 zal de werkgever dus niet meer van de doelgroepvermindering kunnen genieten, aangezien er geen 2 werknemers tegelijkertijd meer in dienst zijn. Op 1 september 2022 komt werknemer C in dienst ter vervanging van werknemer A. De werkgever zal op dat moment de doelgroepvermindering tweede aanwerving kunnen verderzetten aangezien er opnieuw 2 werknemers in dienst zijn tijdens het kwartaal. Werknemer C kan daarentegen niet beschouwd worden als een tweede aanwerving, aangezien er in de loop van de 4 voorgaande kwartalen al eens 2 werknemers tegelijkertijd in dienst geweest zijn (A en B).

Wacht de werkgever een maand langer met de aanwerving van werknemer C, dus tot 1 oktober 2022, dan zal hij de doelgroepvermindering tweede aanwerving wel opnieuw kunnen openen. Een volgende periode van 20 kwartalen kan immers beginnen lopen nadat er gedurende 4 opeenvolgende kwartalen slechts 1 werknemer (in casu werknemer B) in dienst was.

 

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 01/01/2021