To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-
> Werknemer of zelfstandige? De aard van de arbeidsrelaties> 2. Het mechanisme van het vermoeden

Voor welke sectoren geldt het vermoeden?

Principe

De sectoren waarop het vermoeden van toepassing is, zijn:

  • de sector van de werken in onroerende staat (met inbegrip van het bouwbedrijf)[1];
  • de sector van de bewakings- en/of toezichtsdiensten voor rekening van derden;
  • de schoonmaaksector[2];
  • de sector van het vervoer van goederen en of personen voor rekening van derden (met uitzondering van de ambulancediensten en het vervoer van personen met een handicap);
  • de land- en tuinbouwsector.

Dit zijn sectoren waarin het probleem van de schijnzelfstandigheid vaak voorkomt en waar de sociale partners al verschillende jaren samenwerken met de overheid om fraude te bestrijden en eerlijke concurrentie te waarborgen.   

Op te merken valt dat de horecasector, die toch ook als een ‘risicosector’ wordt beschouwd, niet wordt vermeld. Binnen die sector werd immers nog geen consensus bereikt.

Familiale relaties uitgesloten

Het wettelijk vermoeden is niet van toepassing op familiale arbeidsrelaties. Dat zijn:

  • arbeidsrelaties tussen de leden van eenzelfde familie (het gaat om bloedverwanten en aanverwanten tot de derde graad) en tussen wettelijk samenwonenden;
  • arbeidsrelaties binnen een familiale onderneming indien de werknemer bloedverwant of aanverwant (tot de derde graad) of wettelijk samenwonende is van een vennoot of van verschillende vennoten die, ofwel alleen, ofwel samen, meer dan de helft van de aandelen bezitten.

Mogelijke uitbreiding tot andere sectoren

De lijst van de sectoren kan bij koninklijk besluit worden uitgebreid, na advies van de volgende organen:

  • het Directiecomité van het Federaal aansturingsbureau van de sociale inlichtingen en opsporingsdienst[3] ;
  • de bevoegde paritaire comités of subcomités of de Nationale Arbeidsraad (NAR) wanneer verschillende paritaire comités bevoegd zijn of bij ontstentenis van bevoegd of werkend paritair (sub)comité of subcomité;
  • de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de K.M.O., die zijn advies uitbrengt na raadpleging van de betrokken sectoren en beroepen en als er een bestaat, de beroepsorde die of het beroepsinstituut dat voor het betrokken beroep door de wet is aangesteld.

Deze organen hebben 4 maanden de tijd om te antwoorden op het verzoek tot advies van de bevoegde ministers (Middenstand, Werk en Sociale Zaken).

Indien binnen de gestelde termijn geen eensluidend en eenparig advies werd verstrekt, kan de Koning het vermoeden alleen toepassen voor de betrokken sector(en), beroep(en), categorie(ën) van beroepen of beroepsactiviteit(en) bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.

De ministers kunnen deze organen vragen een advies uit te brengen, hetzij op hun eigen initiatief, hetzij op vraag van het bevoegde paritaire comité of subcomité, de NAR, de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de K.M.O. of van de organisaties die erin vertegenwoordigd zijn.

Als ze tegelijk verschillende aanvragen tot advies ontvangen, bepalen ze een kalender voor de indiening van de adviesaanvragen.

 


[1] De wettekst heeft het over ‘de uitoefening van de werkzaamheden die zijn vermeld in artikel 20, § 2, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde’.

[2] Die nog niet worden beoogd in de sector van het bouwbedrijf.

[3] Artikel 6 van het Sociaal Strafwetboek.

 

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 01/01/2018