To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-

Sociaal passief eenheidsstatuut: vergeet niet om attest 281.78 in te dienen

16/08/2021

Heeft uw onderneming werknemers in dienst? Dan heeft u een sociaal passief, namelijk het bedrag aan opzeggingsvergoeding dat u boven het hoofd hangt wanneer u werknemers zou ontslaan. Als voorzichtige werkgever legt u hiervoor best een financiële reserve aan. Dat geldt des te meer sinds de statuten van arbeiders en bedienden grotendeels werden gelijkgetrokken in 2014. Dat zogenaamde eenheidsstatuut bracht immers hogere ontslagkosten met zich mee.

Om die extra kost te compenseren, voorziet de overheid een fiscale aanmoediging. Jaarlijks kunt u een deel van uw belastbare winsten en baten fiscaal vrijstellen om een provisie aan te leggen voor uw sociaal passief. Dat is mogelijk voor elke werknemer die minstens vijf jaar anciënniteit heeft in het eenheidsstatuut. Op die manier kunt u beter het hoofd bieden aan kosten die u moet betalen in het geval van ontslag.

Deze maatregel “sociaal passief eenheidsstatuut” is van kracht sinds 1 januari 2019. De fiscus werkte onlangs een nieuwe circulaire uit die de volgende verduidelijkingen aanbrengt:

 

Welke werknemers komen in aanmerking? 

Alle werknemers

Met de nieuwe circulaire komt de fiscus terug op haar standpunt waarbij een van de toepassingsvoorwaarden van het sociaal passief is dat de werknemer onderworpen is aan het Belgische socialezekerheidsrecht. Deze voorwaarde was effectief niet voorzien in de wet, waardoor ze geen wettelijke toepassingsvoorwaarde was.

De fiscus breidt het toepassingsveld van het sociaal passief uit naar alle werknemers, ongeacht hun statuut, arbeidsstelsel, datum van indiensttreding of salarisniveau. Enkel zelfstandige bedrijfsleiders komen niet in aanmerking voor de toepassing van het sociaal passief.

Deze regel is van toepassing vanaf de inwerkingtreding van de vrijstelling.

Gevolgen voor de plaats van tewerkstelling

Ten slotte herhaalt de fiscus dat men voor de bepaling van het aantal dienstjaren van een werknemer rekening moet houden met “de termijn waarbinnen de werknemer zonder onderbreking in dienst is gebleven van dezelfde onderneming”, ongeacht de plaats van tewerkstelling.

Dit betekent dat de berekening van het aantal dienstjaren van een werknemer blijft doorlopen als hij bij dezelfde werkgever tewerkgesteld blijft, zelfs in het buitenland. Noch de plaats van tewerkstelling, noch het onderworpen zijn aan de Belgische sociale zekerheid hebben een impact op het bepalen van de anciënniteit van een werknemer.

Wat is de referentiebezoldiging?

Om de impact van de maatregel op de schatkist op te vangen, is bij de berekening van het sociaal passief geen rekening gehouden met de totale brutobezoldiging, maar met een maximumbedrag.

Bovendien moeten enkel de regelmatig toegekende normale bezoldigingen in aanmerking genomen worden. Bezoldigingselementen met een uitzonderlijk karakter maken geen deel uit van de bezoldiging. Daarom zijn vakantiegeld, eindejaarspremie en variabel loon dat niet maandelijks betaald wordt, uitgesloten.

In het kader hiervan preciseert de fiscus dat louter het enkel vakantiegeld van werknemers deel kan uitmaken van de referentiebezoldiging, als element van de regelmatig toegekende maandelijkse bezoldiging.

A contrario zal geen rekening gehouden worden met het enkel en dubbel vakantiegeld van arbeiders en dubbel vakantiegeld van bedienden.

Indiening van attest 281.78

Waarover gaat het?

Een werkgever die wil genieten van de vrijstelling voor sociaal passief, moet aan de fiscus jaarlijks een nominatieve lijst van tewerkgestelde werknemers voorleggen met vermelding van een aantal relevante gegevens per werknemer. Hiervoor moet hij jaarlijks de fiche 281.78 indienen via Belgotax-on-web. 

Wanneer moet een attest 281.78 ingediend worden?

Om aanspraak te maken op het recht op vrijstelling voor een vijfjarige cyclus, moet hij altijd een attest 281.78 indienen voor de eerste van de vijf belastbare tijdperken, zelfs als hij voor dit belastbare tijdperk te weinig inkomsten of winsten heeft om de vrijstelling te verrekenen. Als dit niet gebeurt, zal de werkgever de vrijstelling niet kunnen opeisen voor de volgende vier belastbare tijdperken van de vijfjarige cyclus.

Deze verplichting geldt ook voor de vier volgende belastbare tijdperken van de vijfjarige cyclus, behalve voor de belastbare tijdperken waarvoor de werkgever wil afzien van zijn recht op vrijstelling.

De deadline om een attest 281.78 te voorzien, is de indiening van de belastingaangifte waarop het attest betrekking heeft (eventueel toegelaten uitstel inbegrepen). Als uw boekjaar ingekort werd, kunt u deze datum kiezen of opteren voor 30 maart van het boekjaar +1.

Is het verplicht voor alle werknemers?

Als een werknemer voldoet aan de vrijstellingsvoorwaarden voor een vastgelegd belastbaar tijdperk, kan de werkgever in principe genieten van een vrijstelling voor deze werknemer. Deze wordt echter niet in één keer toegekend, maar spreidt zich uit over het betreffende belastbare tijdperk en over de vier volgende belastbare tijdperken, à rato van 20% per belastbaar tijdperk. Dit principe is echter niet van toepassing als de werknemer de onderneming vroegtijdig verlaat.

In verband hiermee is de vrijstelling voor sociaal passief geen verplichting, waardoor de werkgever die geen vrijstelling voor een werknemer wil opeisen voor een volledige vijfjarige cyclus, geen attest 281.78 voor deze werknemer moet indienen.

 

Voorbeeld van Pierre

Anne stelt werknemer Pierre tewerk. Pierre vervult de vrijstellingsvoorwaarden voor het belastbare tijdperk 2020. Voor dit belastbare tijdperk heeft Anne een attest 281.78 ingediend voor Pierre, zodat hij aanspraak kan maken op de vrijstelling voor de vijfjarige cyclus 2020-2024. In 2020 zal Anne dus kunnen genieten van een vijfde van de vrijstelling die gespreid was over vijf jaar.

Als Anne geen attest 281.78 voor Pierre indient voor het belastbare tijdperk 2021, zal ze niet enkel geen aanspraak kunnen maken op de vrijstelling voor 2021 maar ook geen recht hebben op de vrijstelling voor de volgende vier belastbare tijdperken van deze vijfjarige cyclus 2021-2025.

In elk geval heeft ze de mogelijkheid een nieuw attest 281.78 voor Pierre in te dienen voor het belastbare tijdperk 2022 om aanspraak te kunnen maken op de vrijstelling voor de cyclus 2022-2026. De in aanmerking te nemen bezoldiging voor de berekening van de vrijstelling is dus de begrensde gemiddelde maandelijkse brutobezoldiging van Pierre in 2022.

 

Meer info?

Voor meer informatie over de werking van het sociaal passief, raadpleeg ons artikel van 15 juni 2021 op Lex4You.

Wat doet Securex voor u?

Als u gebruik wilt maken van deze vrijstelling, kan Securex een berekening van de provisie voor het sociaal passief maken en u deze bezorgen in de vorm van een handig verslag dat u vervolgens aan uw boekhouder kunt bezorgen. Securex beschikt echter niet over de nodige gegevens om ook een attest in uw naam in te dienen.

We raden u aan om dit verslag goed bij te houden. Het kan immers (samen met de verslagen van de vorige jaren) als basis dienen voor de berekening van de herneming van de vrijstelling als de werknemer de onderneming verlaat.

Interesse? Aarzel niet om uw Client Advisor te contacteren via myHR@securex.be !

 

Bron(nen):

 

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 16-08-2021