To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-

Over elektrische wagens, oplaadbaarheid en hun fiscaliteit

09/23/2020

Er zijn steeds meer modellen van elektrische wagens op de markt. Toch durven nog maar weinig werkgevers deze bedrijfswagens aan hun werknemers aan te bieden. De reden hiervoor is dat de aankoopprijs en de leasekosten veel hoger zijn dan voor een auto die op brandstof rijdt.

Toch kiest u in 2020 beter voor een elektrische wagen. Ze zijn niet alleen milieuvriendelijk, maar geven ook recht op fiscale voordelen. In het kader van de mobiliteitsweek zoomen we even in op die fiscale voordelen.

Hieronder geven we een overzicht:

  1. Forfaitaire raming van het voordeel van alle aard
  2. Voordelige aftrekbaarheid van de autokosten voor de werkgever
  3. Hoe zit het met de tegemoetkoming in de elektriciteitskosten?

 

1. Forfaitaire raming van het voordeel van alle aard

Sinds 2012 wordt het voordeel van alle aard van bedrijfswagens forfaitair geraamd op basis van hun cataloguswaarde (6/7) en hun CO2-uitstoot, die elk jaar bij Koninklijk Besluit wordt vastgesteld. 

Uitvoerige informatie hierover vindt u in ons artikel van 01/12/2019.

 

a) Elektrische wagen - minimaal CO²-uitstootpercentage

Omdat elektrische wagens geen CO2 uitstoten, wordt rekening gehouden met het geldende minimumbasispercentage van 4% om het voordeel van alle aard te berekenen.

De berekeningsformule is dus: cataloguswaarde x 4% x 6/7

Omdat er geen CO²-uitstoot is, valt het voordeel van alle aard van elektrische wagens goed mee.

Voorbeeld: voor een Tesla Model 3 (elektrisch) van 55.000 euro bedraagt het voordeel van alle aard slechts 1.885,71 euro per jaar ((55.000 euro x 6/7) x 4%), wat relatief weinig is voor zo'n dure auto.

 

b) Welke kosten zijn in dit voordeel van alle aard inbegrepen?

Volgens de Dienst voorafgaande beslissingen (DVB) zijn de kosten voor de installatie en het gebruik van de oplaadinfrastructuur van de wagen inbegrepen in het voordeel van alle aard voor de terbeschikkingstelling van een elektrische bedrijfswagen voor privégebruik. Dit omvat:

  • de door de werkgever geleverde elektriciteit om de wagen op te laden;
  • de financiering door de werkgever van de oplaadinfrastructuur in de woning van de werknemer of bedrijfsleider [1];
  • de terugbetaling van de kosten van het elektriciteitsverbruik dat ermee verband houdt.

Goed nieuws met andere woorden: de tenlasteneming van deze kosten door de werkgever geeft geen aanleiding tot een bijkomend voordeel van alle aard bij de werknemer.

In een beslissing van 30 april 2019 oordeelde de DVB bovendien dat de eigendomsoverdracht van een in de woning van de werknemer geïnstalleerde oplaadpaal na afloop van een leasecontract van 48 maanden geen nieuw voordeel van alle aard opleverde voor die werknemer. De reële waarde van de laadpaal op het tijdstip van de eigendomsoverdracht was immers verwaarloosbaar geworden.

 

2. Voordelige aftrekbaarheid van de autokosten voor de werkgever

De aftrekbaarheid van de autokosten is gebaseerd op een doorslaggevende factor, de CO²-uitstoot en een aanvullende factor, het type brandstof (diesel, benzine en lpg). Sinds 1 januari 2020 is een nieuwe berekeningsmethode van het aftrekpercentage van toepassing voor bedrijfswagens die op brandstof rijden. 

Elektrische bedrijfswagens kunnen rekenen op een voordeliger belastingregeling want de kosten ervan zijn nu 100% aftrekbaar zijn. 

Dit voordeel heeft een niet te verwaarlozen invloed op de totale kosten van elektrische wagens (of ‘total cost of ownership’[2]). Door een hogere belastingaftrek en aanzienlijk lagere gebruikskosten kunnen elektrische wagens na vier of vijf jaar het prijsverschil met een auto die op brandstof rijdt, geheel of gedeeltelijk goedmaken.

 

3. Hoe zit het met de tegemoetkoming in de elektriciteitskosten?

Tot slot rijst de vraag naar de fiscale behandeling van de terbeschikkingstelling van elektriciteit.

Bij de werkgever levert de terbeschikkingstelling van elektriciteit of de terugbetaling van de kosten voor het thuis opladen geen voordeel op en wordt gelijkgesteld met de terbeschikkingstelling van brandstof.

Voor de werknemer is de fiscale behandeling van de elektriciteit die nodig is om de ter beschikking gestelde elektrische auto op te laden verschillend naargelang van de volgende situaties:

 

a) De werkgever draagt bij aan de electriciteitskosten van de wagen

Hier moet een onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds de tenlasteneming door de werkgever van de kosten die verband houden met de installatie en het gebruik van de oplaadinfrastructuur van de elektrische bedrijfswagen en, anderzijds met het voorschot dat de werknemer betaalt voor de elektriciteitskosten.

Voor het eerste aspect vermeldden we eerder dat deze financiering is inbegrepen in het voordeel van de terbeschikkingstelling van een elektrische bedrijfswagen voor persoonlijk gebruik.

Voor het tweede aspect is het minder eenvoudig, want de fiscus maakt een onderscheid tussen drie soorten van gebruik: beroepsmatige verplaatsingen, woon-werkverkeer en privéverplaatsingen:

  • terugbetaling van de elektriciteit voor beroepsmatige verplaatsingen: de door de werkgever betaalde vergoeding wordt beschouwd als eigen kosten van de werkgever (voorwaarden);
  • terugbetaling van de elektriciteit voor woon-werkverkeer: de door de werkgever toegekende vergoeding is een belastbaar voordeel dat eventueel is vrijgesteld tot een maximumbedrag van 410 euro per jaar (inkomsten 2020);
  • terugbetaling van de elektriciteit voor louter privéverplaatsingen: de tegemoetkoming van de werkgever is een belastbaar voordeel van alle aard.

 

b) Er is geen tussenkomst van de werkgever in de elektriciteitskosten

Wanneer de werkgever een elektrische wagen ter beschikking stelt, zonder verstrekking van elektriciteit (de werknemer voorziet hier zelf in), dan maakt deze elektriciteit geen deel uit van de terbeschikkingstelling van de wagen en dus evenmin van het voordeel van alle aard. De kost die de werknemer zelf heeft gedragen voor het elektriciteitsverbruik heeft dan ook niet het karakter van een eigen bijdrage en kan bijgevolg niet van het voordeel van alle aard worden afgetrokken.

 

c) De werknemer kan de ter beschikking gestelde wagen opladen bij de werkgever

Als de werknemer gratis gebruik kan maken van een oplaadpaal bij zijn werkgever, wordt slechts één voordeel van alle aard belast (namelijk het voordeel van alle aard dat forfaitair werd geraamd en dat voortvloeit uit de terbeschikkingstelling van de elektrische bedrijfswagen).

De gratis levering van elektriciteit levert geen bijkomend voordeel van alle aard op, maar wordt daarentegen wel geacht deel uit te maken van het voordeel van alle aard van de bedrijfswagen.

 

d) De werkgever installeert een oplaadpaal bij de werknemer thuis

Ook als de werkgever een oplaadpaal installeert in de woning van de werknemer en de elektriciteit die door die paal wordt gebruikt vergoedt, ontstaat er geen bijkomend voordeel van alle aard bij de werknemer. In dit geval wordt slechts één voordeel van alle aard belast, namelijk het voordeel dat forfaitair werd geraamd en dat voortvloeit uit de terbeschikkingstelling van de elektrische bedrijfswagen.

 

Meer weten?

Lees onze blog voor meer info over de fiscale behandeling van elektrische bedrijfswagens.

 


[1] Dit omvat inspectie, voorbereidende elektrische werkzaamheden, materiaaluitrusting, levering, installatie en technisch onderhoud.

[2] Die wordt berekend over vier of vijf jaar en omvat alle kosten van de wagen, dus de aankoopprijs, maar ook de kosten van investering, brandstof, verzekering, enz.

 

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 09/23/2020