To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-

Activeringsbijdrage voor werknemers die vrijgesteld worden van prestaties

12/15/2017

Steeds meer werkgevers doen een beroep op het ‘brugpensioen 2.0’, een maatregel waarbij de werkgever zijn oudere werknemers vrijstelt van prestaties tot de pensioenleeftijd en hen hun loon volledig of gedeeltelijk blijft toekennen. De regering wil dergelijke praktijken afremmen omdat ze de strengere toegangsvoorwaarden voor het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (vroeger brugpensioen) omzeilen.

Daarom wil zij een bijzondere activeringsbijdrage invoeren die schommelt tussen 20% van het brutokwartaalloon (voor wie jonger is dan 55 jaar) en 10% van het brutokwartaalloon (voor wie ouder is dan 62 jaar). Deze maatregel staat in het ontwerp van programmawet en zou in werking treden op 1 januari 2018.

Toepassingsgebied

De werkgevers zullen een bijzondere activeringsbijdrage verschuldigd zijn voor hun werknemers die gedurende een volledig kwartaal geen prestaties leveren bij diezelfde werkgever, met uitzondering van de klassieke gevallen van schorsing van de overeenkomst waarin de wetgeving betreffende de arbeidsovereenkomsten voorziet (arbeidsongeschiktheid, jaarlijkse vakantie, moederschapsverlof, betaald educatief verlof, tijdelijke werkloosheid, ...).

Welke werkgevers?

Deze maatregel geldt voor de werkgevers uit de privésector en bepaalde autonome overheidsbedrijven (bijvoorbeeld: Proximus en Bpost).

Uitzondering voor bepaalde vrijgestelde werknemers

Deze bijdrage is niet verschuldigd voor werknemers die vóór 28 september 2017 in een systeem van volledige vrijstelling van prestaties zijn gestapt. Ze is evenmin verschuldigd voor de werknemers die in de toekomst in een dergelijk systeem stappen als dat gebeurt in toepassing van een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst (cao) van bepaalde duur.

Percentage van de vrijstellingsbijdrage

Het bijdragepercentage wordt bepaald op basis van de leeftijd van de werknemer op het tijdstip waarop hij door de werkgever wordt vrijgesteld van prestaties. De bijdrage hangt ook af van het feit of de werknemer al dan niet toegang heeft tot opleidingen om hem op de arbeidsmarkt te re-integreren.

Invloed van de leeftijd van de werknemer

Het toepasselijke bijdragepercentage wordt vastgesteld op basis van de leeftijd van de werknemer op het tijdstip waarop de werkgever hem volledig vrijstelt van prestaties. De volgende modaliteiten zijn van toepassing:

Aanvang ‘Brugpensioen 2.0’

Percentage van de activeringsbijdrage dat op het brutokwartaalloon wordt toegepast

Minimaal kwartaalbedrag van de activeringsbijdrage

Vóór 55 jaar

20%

300 euro

Tussen 55 en 58 jaar

18%

300 euro

Tussen 58 en 60 jaar

16%

300 euro

Tussen 60 en 62 jaar

15%

225,60 euro

Na 62 jaar

10%

225,60 euro

 

Het percentage blijft constant tot de werknemer de wettelijke pensioenleeftijd heeft bereikt in de regeling waaraan hij in hoofdzaak onderworpen is of tot wanneer hij een vervroegd rustpensioen kan genieten.

Invloed van door de werkgever georganiseerde opleidingen

Als de werknemer tijdens de periode van vrijstelling van prestaties verplicht werd om een opleiding te volgen die door zijn werkgever werd georganiseerd en die ten minste 15 dagen omvat over een periode van vier opeenvolgende kwartalen, wordt het bijdragepercentage gedurende de vier betrokken kwartalen met 40% verminderd.

De bijdrage is niet verschuldigd wanneer de werknemer gedurende de eerste vier opeenvolgende kwartalen van vrijstelling van prestaties verplicht was om een door zijn werkgever georganiseerde opleiding te volgen waarvan de kostprijs ten minste 20 % bedraagt van het brutojaarloon waarop hij vóór de aanvang van het ‘brugpensioen 2.0’ recht had.

Het bewijs van het volgen van de opleiding moet aan het Toezicht op de sociale wetten worden bezorgd.

Vrijstelling bij hervatting van een activiteit

Wanneer de werknemer opnieuw een minstens 1/3 tewerkstelling aanvat bij een of meer andere werkgever(s) of in hoedanigheid van zelfstandige, en dit voor een volledig kwartaal, wordt de werkgever die de bijdrage verschuldigd was, hiervan vrijgesteld, en dit tijdens de periode van werkhervatting.

Met 1/3de tewerkstelling wordt een gemiddelde prestatie van 1/3de van een voltijds equivalent bedoeld, en dit over een referentieperiode van een kwartaal. De RSZ zal alle tewerkstellingen in 1 kwartaal optellen en nagaan of dit overeenstemt met minimaal een 1/3de tewerkstelling van een voltijds equivalent gedurende die periode. Een koninklijk besluit moet nog bepalen wat wordt verstaan onder het hervatten van een nieuwe minstens 1/3 tewerkstelling in de hoedanigheid van zelfstandige.

Wanneer de werknemer de voormelde activiteit beëindigt, is de bijdrage opnieuw verschuldigd door de werkgever die hem had vrijgesteld van prestaties.

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 12/15/2017