To Delete Document
InEditMode: ("1" if Yes) IsNewDoc: ("1" if Yes) DspNow: UserCN: (username-CN) HistoryFields: (is used in the code for the history subform) -

-

Taxshift - 2018 luidt een nieuwe fase in

10/27/2017

Met haar zomerakkoord wil de regering Michel de werkgelegenheid, de koopkracht en de sociale samenhang stimuleren. Één van de maatregelen die hier moet bij helpen is de volledige uitvoering van de taxshift. Deze zal in 2018 immers zijn tweede fase ingaan.

De eerste fase van de taxshift (2015-2016) als basis

Twee jaar geleden kondigde de overheid een belastingverschuiving (taxshift) aan met als doel de lasten op arbeid te verminderen en de koopkracht te verhogen. Daartoe werden diverse maatregelen in het leven geroepen, waaronder de verlaging van de werkgeversbijdragen, de verhoging van de forfaitaire beroepskosten, enz…

Aangezien hier een kostenplaatje tegenover staat, werden ook een reeks flankerende maatregelen genomen. In het bijzonder denken we dan aan de vermogenswinstbelasting, de verhoging van diverse accijnzen (bv. op suikerhoudende dranken) en de herziening van sommige BTW- tarieven.

Een uitgebreide toelichting bij deze en de andere maatregelen kan u lezen in onze diverse artikels die we toen over de taxshift geschreven hebben op Lex4You.

En dan nu… de tweede fase

Bovenvermelde maatregelen traden in werking in de loop van 2016. Sommigen hiervan krijgen vanaf 2018 een vervolg in wat we noemen "de tweede fase van de taxshift".

We herhalen ze onderstaand en maken daarbij een onderscheid tussen de maatregelen die een impact hebben op de werknemers en hun koopkracht enerzijds en op de ondernemingen/werkgevers anderzijds.

Gevolgen voor uw werknemers - Hoe zullen zij de tweede fase van de taxshift voelen?

Om de koopkracht voor de werknemers te verhogen, combineert de overheid een reeks maatregelen die reeds in 2015 en 2016 een eerste uitwerking kregen (eerste fase van de taxshift). Vanaf 2018 zullen ze verder versterkt worden met als doel de werknemers nog meer netto te laten overhouden.

Concreet betreft het volgende (belasting)maatregelen:

  • geleidelijke afschaffing van de belastingschijf van 30%. Nadat de schijf die aan dit tarief belast wordt sinds 2016 werd afgebouwd, zal ze vanaf 1 januari 2018 volledig verdwijnen. Bedoeling is om deze belastingschijf volledig op te nemen bij de schijf die tegen 25% belast is (om zo dus een groter deel van het inkomen aan een lager tarief te belasten);
  • verhoging van de forfaitaire beroepskosten[1]. De laatste jaren werd het algemeen kostenforfait waarmee belastingplichtigen het bruto bedrag van hun inkomsten automatisch mogen verminderen, reeds meermaals opgetrokken[2]. Vanaf 2018 zal nog slechts één globaal percentage van 30% aan forfaitaire beroepskosten overblijven, met een maximum van 2.950 euro (bedrag te indexeren).
  • verhoging van de belastingvrije som. De inkomensgrens om recht te hebben op een verhoogde belastingvrije som zal vanaf 1 januari 2018 verhoogd worden[3].
Over hoeveel netto spreken we eigenlijk voor wie?

In de lijn van de eerste fase van de taxshift in 2016, zal de verhoging van de koopkracht vanaf 2018 het meest voelbaar zijn voor werknemers[4] met een laag en gemiddeld inkomen (zo zouden deze categorieën er respectievelijk ongeveer 32 euro en 28 euro netto per maand bij krijgen)[5].

De hoge lonen zullen het daarentegen moeten stellen met +/- 23 euro netto per maand extra (en dit bovenop de +/- 44 euro die zij reeds netto per maand bijkregen.

In 2019 volgt een derde (en voorlopig laatste) fase van de taxshift, met nog een extra loonsverhoging tot gevolg.

Impact op uw onderneming - Verdere verlaging van de werkgeversbijdragen naar 25%

Omdat de lasten op arbeid in België zeer hoog zijn en dit een impact heeft op onze concurrentiepositie, was het de bedoeling om de werkgeversbijdragen in het kader van de taxshift gefaseerd te doen dalen. In die context evolueerden de basiswerkgeversbijdragen (voor bedienden)[6] als volgt:

  • op 1 april 2016 daalden ze van 32,40% naar 30%;
  • op 1 januari 208 zullen zij verder dalen van 30% naar 25%[7].
Pro memorie

Opgelet. Bovenvermelde daling van patronale bijdragen betreft enkel de basiswerkgeversbijdragen.  

Daarbovenop kunnen, afhankelijk van het paritair comité waartoe de werkgever behoort, nog bijzondere werkgeversbijdragen en/of bijdragen die bestemd zijn voor het Fonds van Bestaanszekerheid komen.

Impact op uw onderneming - Afschaffing van de structurele lastenvermindering

De structurele vermindering van sociale lasten is een automatische, forfaitaire bijdragenvermindering voor alle werkgevers. Ze werd in het leven geroepen om de hoge patronale bijdragen te compenseren.

Aangezien deze werkgeversbijdragen in het kader van de taxshift gefaseerd verlaagd worden, verliest deze 'structurele' lastenverlaging haar bestaansreden en wordt ze als volgt hervormd:

  • op 1 april 2016 werd ze verlaagd van 462,60 euro naar 438 euro;
  • vanaf 1 januari 2018 zal ze volledig afgeschaft worden.
Maar wel behoud van het forfait voor lage lonen

Hoewel de algemene lastenverlaging wordt afgeschaft ter financiering van de verlaging van de patronale bijdragen, zullen de specifieke inspanningen voor de lage lonen behouden en versterkt worden.

Het plafond voor de hoge lonen dat toelaat om een supplementaire vermindering voor de werknemers met een hoog loon te krijgen[8] zal op 1 januari 2018 worden afgeschaft.

Heeft u interesse in een refresh over de tweede fase van de taxshift?

In de loop van januari 2018 zullen wij een webinar organiseren rond de fiscale actualiteiten. De verhoging van de koopkracht ingevolge de taxshift zal daar ook uitgebreid in aan bod komen[9].

Wij houden u vanzelfsprekend op de hoogte over de data in dit verband.

 


[1] De verhoging van de forfaitaire beroepskosten wordt onmiddellijk toegepast in de schalen van bedrijfsvoorheffing, waardoor de werknemers effectief meer netto overhouden per maand.

[2] Op die manier worden de lonen van werknemers minder zwaar belast, waardoor zij netto meer overhouden.

[3] Bovendien zal vanaf 1 januari 2019 één uniform bedrag aan belastingvrije som van toepassing zijn.

[4] De verdere verhoging van de forfaitaire beroepskosten geldt niet voor zelfstandigen, waardoor de koopkrachtverhoging in het kader van de taxshift niet optimaal is voor hen. Zij kunnen in dit verband immers enkel genieten van de afschaffing van de belastingschijf van 30% en van de verhoging van de belastingvrije som.

[5] Dit naast de +/- 83 euro (lage inkomens) en +/- 51 euro (gemiddelde inkomsens) netto waarmee zij hun salaris sinds de eerste taxshift reeds aangedikt zagen.

[6] Het percentage van de patronale bijdragen is afhankelijk van het statuut van de werknemer (bediende of arbeider). In geval van arbeiders zal bovenvermeld percentage van patronale bijdragen hoger liggen omwille van de vakantiebijdrage (deze bedraagt 5,61% sinds 1 januari 2017 en zal verlagen naar 5,57% vanaf 1 januari 2018). Arbeiders ontvangen hun vakantiegeld immers via de vakantiekassen, waarvoor de werkgever deze vakantiebijdragen betaalt.

[7] Voorzien wordt bovendien dat de patronale basisbijdragen op 1 januari 2020 verder zullen dalen naar 24,2%.

[8] Dit werd destijds in het leven werd geroepen om de zgn. braindrain tegen te gaan.

[9] Let op! De impact van de taxshift op uw onderneming (m.n. de sociale maatregelen inzake verlaging van de patronale bijdragen en de afschaffing van de structurele lastenvermindering) zullen hier dus niet aan bod komen.

Securex Sociaal Secretariaat - Legal 10/27/2017